Schermen is een sierlijke, snelle en tactische gevechtsport waarbij lichamelijke kracht niet voorop staat. De bedoeling is de tegenstander te treffen zonder zelf getroffen te worden. Dit vereist naast fysieke en technische kwaliteiten ook concentratie, inzicht en reactievermogen. De kunst is om het wapen zo te beheersen dat met kleine snelle bewegingen treffers kunnen worden gemaakt.
Schermen is geen gevaarlijke sport. De kledij en de wapens voldoen aan uiterst strenge veiligheidseisen.
Schermen wordt beoefend met een floret, een degen of een sabel op een piste. Dit is een langwerpig oppervlak van 14 meter lang en 1,5 tot 2 meter breed.
De floret is een steekwapen, hetgeen betekent dat de enige geldige manier om de tegenstander te raken, met de punt van de floret is. De floret werd oorspronkelijk als trainingswapen gebruikt. Het werd uitgevonden omdat er tijdens het oefenen met sabel of degen te veel doden en gewonden vielen. Nu is schermen met de floret een olympische sport voor zowel dames als heren. De floret is een licht wapen met een maximaal gewicht van 500 gram en een maximale lengte van 110 cm. Het bestaat uit een handgreep, een kom met een doorsnee van 9,5 tot 12 cm, een vierzijdige flexibele kling van 0,90 m en een elektro-punt. Die floretpunt bestaat uit een indrukbaar gedeelte dat met een bepaalde minimumkracht (500 gram) moet ingedrukt worden om elektronisch geregistreerd te worden. Enkel de romp (voor en achter) van de tegenstander is geldig als raakvlak. Bij het raken van armen, benen of hoofd, wordt de treffer "ongeldig" verklaard.
De moderne degen leunt het dichtst tegen het klassieke duelwapen aan. Schermen met de degen is voor zowel dames als heren een olympische sport. De degen is een lang, recht steekwapen, met een kling die driehoekig is in doorsnede. De degen is relatief onbuigzaam. De kom is met een doorsnee van 13,5 cm relatief groot. Het wapen mag maximaal 770 gram wegen en heeft een maximale lengte van 110 cm. De kling is 90 cm lang en heeft aan het eind een elektro-punt. Geldige treffers kunnen enkel toegebracht worden met de punt. De wapendruk ligt met 750 gram hoger dan bij de floret. Het volledige lichaam is geldig als raakvlak.
De sabel is een slag- en steekwapen. Treffers kunnen toegebracht worden met de punt, de snijkant, de tegensnijkant en de platte kanten van het wapen. Schermen met de sabel is voor zowel dames als heren een olympische sport. Het wapen mag maximaal 500 gram wegen en heeft een maximale lengte van 105 cm. De kom is relatief groot en gesloten. De kling van 88 cm is bij de kom driezijdig en naar de punt toe vierzijdig. Schermen met de sabel kenmerkt zich door een vlot wedstrijdverloop en veel aanvallen op de tegenstander. Alles boven de (denkbeeldige) gordel is raakvlak, inclusief het hoofd en de armen, maar exclusief de handen.
De voorrang (het recht van aanval)
Het voorrangsprincipe bij floret en sabel houdt in dat de eerste persoon die een goed uitgevoerde aanval inzet voorrang heeft. Eenvoudig uitgedrukt: als men wordt aangevallen, moet men zich eerst verdedigen vooraleer een tegenaanval in te zetten. Een aanval kan mislukken door pech, een slechte inschatting of door een actie van de tegenstander. Een goed uitgevoerde parade (de aanval met het eigen wapen afweren) zorgt ervoor dat de voorrang overgaat naar de verdediger, die nu de gelegenheid heeft aan te vallen (riposte), en aldus de tegenaanvaller wordt. De oorspronkelijke aanvaller, nu verdediger, moet nu zelf de riposte van de tegenaanvaller afweren vooraleer zelf terug aan te vallen. Als de eerste parade niet effectief is (slechte parade), als de riposte mist, of als de verdediger aarzelt vooraleer te riposteren, kan de aanvaller verder aanvallen (remise of herneming).
Ook kan bij een aanval (op sabel althans) een voorhouw (of arrêt) worden gemaakt, waarbij veelal op de manchet van de tegenstander (het geldige (bovenste) deel van zijn handschoen) wordt gemikt. Deze moet echter wel voor de finale van de tegenstander hem raken (de finale is het einde van de aanval, waarbij de tegenstander daadwerkelijk probeert te raken), anders is de treffer niet geldig, en is de punt nog steeds voor de tegenstander.
Bij het moderne schermen wordt meestal elektrische trefferaanduiding gebruikt. Het is mogelijk dat voor beide schermers gelijktijdig een treffer wordt aangeduid wanneer ze elkaar raken binnen een zeer korte tijdsspanne. Op floret en sabel is het dan aan de scheidsrechter om te beslissen wie voorrang had in de actie, en dus het punt krijgt. Als de scheidsrechter die beslissing niet kan maken, wordt geen punt toegekend, en wordt het gevecht hervat op de plaats waar de schermers zich bevonden toen het gevecht werd stilgelegd. Dubbele treffers zijn alleen mogelijk op degen. In dat geval krijgen beide schermers een punt.
Moderne schermkledij is gemaakt van stevig katoen, nylon of kevlar. De volgende items worden verplicht gedragen ter bescherming van de schermer:
• Een schermvest.
• Een ondervest. Wordt gedragen onder het schermvest. Het ondervest heeft tot doel ongelukken te vermijden mocht de naad van het schermvest aan wapenzijde loskomen.
• Eén handschoen aan de gewapende hand, om te vermijden dat een wapen in de mouw kan schieten (de manchet van de handschoen gaat over de mouw), en ter bescherming van de hand evenals voor een betere grip op het wapen.
• Een schermbroek, tot net onder de knie.
• Een paar schermkousen, tot net boven de knie.
• Een masker, gemaakt van metalen gaas en met slab ter bescherming van de hals. Maskers met een plexi-glazen vizier zijn ook toegestaan op sabel.
• Dames moeten borstbescherming dragen.
• Heren mogen een kruisbeschermer dragen.
Traditioneel is de kleur van de uitrusting wit, om het makkelijker te maken voor de scheidsrechters om de treffers te zien. Dat kan wellicht worden teruggevoerd naar de tijd voor elektrische trefferaanduiding, toen soms roet of gekleurd krijt werd aangebracht aan de klingen om treffers op de kledij van de tegenstander aan te duiden. Recent zijn de FIE-regels wat versoepeld zodat ook kleuren worden toegelaten. Zwart is de traditionele kleur voor schermmeesters, en dus niet toegestaan voor schermers.
Bij het begin en het einde van elke wedstrijd groeten de schermers elkaar, de scheidsrechter en het publiek.
Wedstrijden worden geschermd op een piste,waarop de twee schermers tegenover elkaar staan. In het moderne schermen is de loper tussen 1,5 en 2 meter breed, en 14 meter lang. De schermers vatten het gevecht aan tegen de stellingslijnen, vier meter van elkaar, in de schermhouding, beter bekend als de positie en garde. Indien een schermer de achterste lijn met beide voeten overschrijdt, dan krijgt zijn tegenstander een punt. Bij het degenschermen en floretschermen is die schermloper vervaardigd uit geleidend materiaal (metaal) zodat treffers op de grond niet geregistreerd worden. Bij het sabelschermen is dit niet nodig.
Een scheidsrechter leidt het gevecht en staat langs de zijlijn van de piste. De taken van de scheidsrechter zijn onder meer het bijhouden van de score en de tijd, het toekennen van punten en sancties en het bewaren van de orde op en rond de piste. De scheidsrechter kan geassisteerd worden door twee assessoren, een puntenteller en tijdopnemer.
Er bestaan twee vormen van competitie : individueel en per ploeg.
Een ploeg bestaat uit drie schermers en eventueel één reserve. Een ploegenontmoeting wordt afgewerkt volgens het Italiaanse systeem. Dit betekent dat de drie schermers van ploeg A het opnemen tegen elk van de drie schermers van ploeg B, en dit in een aflossingsformule in blokken van 5 treffers. Elke aflossing duurt maximum 3 minuten. De ploeg die als eerste 45 punten scoort, of leidt bij het verstrijken van de tijd, wint de ploegenontmoeting.
Bij individuele wedstrijden - de meest voorkomende vorm van wedstrijden - bestaan er verschillende formules.
• Het gevecht op 5 treffers in een tijdsspanne van maximum 3 minuten effectieve schermtijd
• Het gevecht op 15 treffers in een tijdsspanne van maximum 3 x 3 minuten effectieve schermtijd, telkens onderbroken door 1 minuut rusttijd (degen en floret)
• Het gevecht op 15 treffers met een onderbreking van 1 minuut bij het bereiken van de 8e treffer (sabel)
• Het gevecht op 1 treffer (degen bij moderne vijfkamp)
Het gevecht wordt door de scheidsrechter onderbroken indien er een treffer wordt toegebracht, een niet-reglementaire beweging wordt uitgevoerd, wanneer de lichamen van de schermers elkaar raken of een voet van één der schermers de zijgrenzen van het terrein overschrijdt.